We Believe JesusFé, Esperança e Nova Vida

Psalms 136

DutSVVA: De ganse Heilige Schrift bevattende al de kanonieke boeken van het Oude en Nieuwe Testament, met de apocriefe (deuterocanonieke) boeken · holandês

← Psalms 135 Psalms Psalms 137 →

1Looft den Heere, want Hij is goed; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid;

2Looft den God der goden; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

3Looft den Heere der heren; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

4Dien, Die alleen grote wonderen doet; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

5Dien, die de hemelen met verstand gemaakt heeft; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

6Dien, Die de aarde op het water uitgespannen heeft; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

7Dien, Die de grote lichten heeft gemaakt; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

8De zon tot heerschappij op den dag; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

9De maan en sterren tot heerschappij in den nacht; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

10Dien, Die de Egyptenaren geslagen heeft in hun eerstgeborenen; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

11En heeft Israël uit het midden van hen uitgebracht; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

12Met een sterke hand, en met een uitgestrekte arm; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

13Dien, Die de Schelfzee in delen deelde; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

14En voerde Israël door het midden van dezelve; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

15Hij heeft Farao met zijn heir gestort in de Schelfzee; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

16Die Zijn volk door de woestijn geleid heeft; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

17Die grote koningen geslagen heeft; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

18En heeft heerlijke koningen gedood; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

19Sihon, den Amorietischen koning; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

20En Og, den koning van Basan; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

21En heeft hun land ten erve gegeven; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

22Ten erve aan Zijn knecht Israël; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

23Die aan ons gedacht heeft in onze nederigheid; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

24En Hij heeft ons onzen tegenpartijders ontrukt; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

25Die allen vlees spijs geeft; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

26Looft den God des hemels; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

← Psalms 135 Psalms Psalms 137 →

Psalms 136 — holandês:

De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939खेरलो वचनDutSVV: Dutch Statenvertaling BijbelNlCanisius1939: Petrus Canisius TranslationvlsJoNT: Het Nieuwe Testament by Nicolaas De Jonge